Temu en Shein voortaan officieel importeur in de EU
Brussel sluit de achterdeur voor goedkope pakketjes
Wie de afgelopen jaren voor een habbekrats iets bestelde bij Temu, Shein of AliExpress, deed dat meestal zonder dat er ooit invoerrechten werden betaald. Pakketten onder de 150 euro vielen buiten de douaneheffing, een uitzondering die nooit bedoeld was voor een instroom van miljarden kleine zendingen per jaar. Daar komt nu definitief een einde aan. De Raad van de Europese Unie nam op 3 september een omvangrijk pakket douaneregels aan, de grootste herziening van de Europese invoerregels in decennia, zo meldde het Amerikaanse technologieplatform Tech Times een dag later.
Platforms worden zelf verantwoordelijk
Het kernpunt van de hervorming is dat platforms als Temu, Shein, AliExpress en Amazon voortaan zelf als importeur in de EU worden aangemerkt voor producten die via hun platform de Unie binnenkomen. Dat is een fundamentele verschuiving. Tot nu toe lag de verantwoordelijkheid voor douanepapieren en veiligheidseisen vaak bij een individuele verkoper ergens in Azië, iemand die een Europese toezichthouder nauwelijks kon bereiken. Nu moet het platform zelf een vertegenwoordiger in de EU aanstellen en zich houden aan de geldende productveiligheidsnormen. Bij overtreding kan een boete volgen die kan oplopen tot 6 procent van de omzet die het platform in de EU behaalt, meldt Tech Times.
De rekening loopt al langer op
De formele goedkeuring van eerder deze week staat niet op zichzelf. Al sinds 1 juli geldt een vaste heffing van 3 euro per productcategorie op pakketjes van buiten de EU onder de 150 euro, zo berichtte Euronews eind juni. En het stopt niet bij die 3 euro. Uiterlijk op 1 november moeten de lidstaten ook een extra afhandelingskosten gaan toepassen, een bedrag dat de Europese Commissie nog moet vaststellen. Stap voor stap wordt het gat dat platforms van buiten de EU jarenlang konden benutten dus dichtgemaakt.
Wat dit betekent voor jouw webwinkel
Voor Nederlandse webwinkeliers is dit geen juridische voetnoot uit Brussel, maar iets wat direct aan de kassa merkbaar wordt. Al jaren wordt er geklaagd dat platforms van buiten de EU een oneerlijk prijsvoordeel hadden, simpelweg omdat er nauwelijks invoerrechten en btw werden afgedragen. Naarmate de kostprijs van een pakketje uit Guangzhou dichter bij die van een lokale leverancier komt te liggen, verandert de rekensom voor de klant aan de kassa. Dat is geen garantie dat kopers massaal terugkeren naar Nederlandse webshops, maar het haalt wel een knop weg waarmee goedkope platforms tot nu toe vrijwel elke binnenlandse concurrent konden overtroeven. Wie zelf goederen importeert vanuit Azië, krijgt er bovendien iets bij: de regels rond aansprakelijkheid en productveiligheid worden explicieter, wat op termijn meer duidelijkheid geeft over wie in de keten waarvoor verantwoordelijk is. Het loont daarom de moeite om de komende maanden goed in de gaten te houden hoe leveranciers en platforms op de nieuwe regels reageren, want de precieze hoogte van de afhandelingskosten per 1 november bepaalt uiteindelijk hoeveel het prijsverschil daadwerkelijk gaat slinken.